zo 6 januari 2019 - 14:30 Concertzaal Tilburg

Op het programma staan o.a. muziek van Jacques Offenbach, Emile Waldteufel, Maurice Ravel en Emmanuel Chabrier. Alle vier de componisten werkten voor een groot deel van hun leven in Parijs, de wereldstad van de Romantiek. En zoals bij een Nieuwjaarsconcert ook past, muziek van de gebroeders Strauss: Johann jr., Jozef en Eduard. Wie kent ze niet, deze dynastie van de Weense wals?

Speciaal voor dit concert heeft Mireille ten Kate een moderne choreografie geschreven. De uitvoering vindt plaats door vier jonge getalenteerde dansers, waaronder Mireille zelf en drie studenten van Fontys die de dansopleiding volgen. Het contrast tussen de dansstijl in combinatie met de klassieke muziek zal voor een spannende combinatie zorgen. Ook dit jaar spelen in de foyer studenten van de Young Musician Academy van Fontys Tilburg. Kom dus voor en na het concert genieten van hun spel.

Neem dus vrienden en familie mee naar dit prachtige concert en vier met elkaar het nieuwjaarsfeest met Dancing into the New Year.

Toelichting op het Programma

Ouverture Orphée aux Enfers – Jacques Offenbach (1819-1880)

Offenbach, weliswaar geboren in Keulen, werd als 14-jarige jongen in 1833 toegelaten tot het conservatorium in Parijs. Hij speelde verdienstelijk cello maar miste volgens zijn leraren veel discipline, en dus moest hij na een jaar het conservatorium verlaten. Offenbach ging toen spelen in het orkest van de Opéra Comique. Hij kreeg succes met enkele van zijn composities en werd in 1847 dirigent in het Theatre Francais. Het operette genre boeide hem enorm, en er wordt beweerd dat Johann Strauss junior in hem zijn grote voorbeeld zag. In 1855 opende Jacques Offenbach zijn eigen theater Bouffes-Parisiens aan de Champs Elysées. Zijn komische opera Orpheus aux Enfers (1865) vertolkt een lichte versie van het mythische verhaal waarin de zanger Orpheus zijn echtgenote Eurydice uit de onderwereld gaat ophalen. Oorspronkelijk een tragisch-romantische mythe, is Eurydice nu een lichtzinnige vrouw die na haar dood door Orpheus verguisd wordt. Met tegenzin onderneemt hij de tocht naar de onderwereld. Hij lijkt het op aandrang van zijn familie en vrienden te doen.

Les Patineurs – Emile Waldteufel (1837-1915)

Waldteufel werd geboren in Straatsburg en was naast muziekpedagoog, componist en pianobouwer ook pianist. Hij schopte het tot Hofpianist van de vrouw van Napoleon III. Hij speelde in de Tuilerieën en in het palais Elyséé. Ook buiten Parijs was hij een veelgevraagd solist en orkestleider. Eén van zijn composities, de Manolo-wals, werd razend populair in Engeland nadat de toekomstige koning Edward VII Waldteufel in Parijs aan het Hof had horen spelen. Tot in Buckinham Palace bij banketten van koningin Victoria werd zijn muziek gespeeld. ”Les Patineurs” zijn de schaatsenrijders die Waldteufel in zijn Parijse tijd over de vijver in het Bois de Bologne zag zwieren. Hij liet zich inspireren door het winterse decor. Het gebruik van duidelijk hoorbare bellen doet vermoeden dat er in dit wintertafereel ook sledes aanwezig waren.

La Valse, Poème Choréographique – Maurice Ravel (1875-1937)

Ravel begon evenals Offenbach als 14-jarige aan het Parijse conservatorium. Niet met cello- maar met pianolessen. Ook Ravel maakte de opleiding niet af. Hij keerde later wel terug om compositie te studeren bij Gabriel Fauré. Oorspronkelijk maakte hij naam als componist van pianowerken, liederen en orkestraties. Zijn pianoconcert voor de linkerhand – een vriend van Ravel verloor in de Eerste Wereldoorlog zijn rechterhand – en De Bolero zijn de meest bekende werken. Geniaal is zeker ook zijn orkestbewerking van Moessorgski’s Schilderijententoonstelling. Ravel was bevriend met zowel Moessorgski als met Stravinsky. Hij was eveneens een groot bewonderaar van Johann Strauss junior. Ook Ravel componeerde een wals: over ‘La Valse, Poème Choréographique’ is veel discussie. Ongetwijfeld is het een ode aan de wals. Een gedicht waarin deze dansvorm in ¾ of 6/8 maat nu eens verschijnt in haar strakke vorm met accent op de eerste tel gevolgd door een lichte 2 en 3, en dan weer in haar vrijere versie die zwieriger aandoet vanwege haar vroege 2een uitgestelde 3etel. Omdat La Valse vlak na Wereldoorlog I het levenslicht zag, denken velen dat zij de hachelijke situatie van die naoorlogse dagen beschrijft. Ravel zelf ontkent dat en adviseert de luisteraar dichtbij de muziek te blijven: luister hoe uit expressie, emotie en stuwende sonoriteit steeds meer licht en beweging ontstaat.

Joyeuse Marche – Emmanuel Chabrier (1841-1894)

Chabrier was een generalist. Hij studeerde rechten en was zeer geïnteresseerd in literatuur en schilderkunst. Daarnaast studeerde hij piano en compositietechniek. In 1862 aanvaardde hij zijn eerste aanstelling als jurist op het ministerie van Binnenlandse Zaken te Parijs. Toen hij echter veel succes oogstte met zijn opera’s  L’etoileen Une éducation manquéebesloot hij zich in 1880 volledig aan het componeren te wijden. Hij was een groot bewonderaar van Richard Wagner en tevens bevriend met impressionistische schilders waaronder Manet.

Tijdens een bezoek aan Spanje kreeg Chabrier oor voor folkloristische muziek. Hij componeerde vervolgensdix pièces pittoresques (1880) voor piano,trois valses romantiques voor piano duet (1883) en bourrée fantasque (1891). Maar ook zagen orkestwerken als España (1883) en Joyeuse marche (1888) het levenslicht. Zijn muziek is doorgaans gebaseerd op onregelmatige ritmische patronen of op zich snel herhalende figuren die afgeleid zijn van de authentieke bourrée-dans uit Chabriers geboortestreek de Auvergne. Sommigen zeggen dat hij met zijn karikaturale stijl een Parijse stijl introduceerde die model zou staan voor latere componisten als Poulenc en Auric. Opmerkelijk in zijn orkestwerken waren nieuwe instrumentcombinaties, zoals bijvoorbeeld het gebruik van koperblazers samen met percussie. De laatste jaren van het leven van Emmanuel Chabrier kenmerkten zich door mentale en fysiek aftakeling.

De gebroeders Strauss – Johann jr. (1825-1899), Josef (1827-1870) en Eduard (1835-1916)

Wie kent ze niet, deze dynastie van de Weense Wals? Het is verbazingwekkend dat er geen reality-soap avant la lettre is gemaakt over de overspelige Strauss senior, die zijn kinderen verbood muzieklessen te volgen en de familievetes in het openbaar uitvocht, en zijn drie zonen. Na de dood van Johann senior in 1849 nam Johann junior de familieleiding over. Josef overlijdt door een ongeluk, Eduard verbrandt in 1907 het familiearchief waaronder een schat aan bladmuziek, en alle drie proberen ze elkaar na vaders dood de loef af te steken in hun muzikale ambities. Er zijn genoeg pareltjes die niet in de vlammen zijn opgegaan. U hoort achtereenvolgens:

  • Carmen Quadrille
  • Intermezzo uit Tausend und eine Nacht
  • Egyptischer Marsch
  • An der schönen blauen Donau
  • Plappermäulchen
  • Auf der Jagd
  • Vergnügungszug, en
  • Wilhelm Tell Galop